Posts tonen met het label Haken voor Beginners. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Haken voor Beginners. Alle posts tonen

Haakles voor Beginners: Eind Overzicht


Dit is alweer het einde van de Online Haaklessen, en we sluiten af met een klein overzicht!

Wil ja alle lessen nog eens nalezen? In de balk hierboven, onder LEER HAKEN, vind je alle lessen op een rij.
Hier zijn nog twee handige schema's met alle basissteken, hun symbolen en afkortingen in het Nederlands, met de vertaling naar Amerikaans en Engels:

Haaksteken Overzicht

Haaksteken Overzicht Vertaling USA / UK


Zo, jullie zijn nu klaargestoomd voor het echte werk! Als het goed is kunnen jullie nu aan de slag met elk haakpatroon of haakboek dat je wil gebruiken. Of de ideeën van Pinterest. En oefening baart kunst! 
Of er ooit een Haakles Voor Gevorderden komt? Misschien, maar ik denk het niet. Volgens mij kunnen jullie het vanaf hier prima zelf af ;-)
Iedereen heel erg bedankt voor het enthousiaste meehaken en alle leuke reacties!

♥
Heb je nog vragen of is er iets niet duidelijk? Stuur dan een mailtje naar: info[at]sewnatural.eu

Haakles voor Beginners 7: Randjes Haken

En nu kun je dus haken en heb je een prachtig meesterwerkje gemaakt! En wat mist er nog? Een mooi randje! Dat hoeft natuurlijk niet persée, een haakwerkje kan ook mooi zijn zonder sierrandje.. Maar soms voegt een randje wel iets toe. Ik zal hier twee bekende sierranden voordoen!

1. Schulprand
• Hecht een draad aan op de plek waar je je rand wil hebben (of haak verder met de kleur waarin je bezig was, haak dan eerst een Keerlosse)
• Sla 2 steken over, haak 5 Stokjes in de volgende steek
• Sla weer 2 steken over, haak een Vaste in de volgende steek
• Ga zo door en eindig met een Vaste
• Het aantal steken waarmee je begint moet deelbaar zijn door 6, plus 1 (dus bijv. een werkje van 37 steken breed)

2. Picot-Rand (of iets dat erop lijkt..)
• Hecht een draad aan op de plek waar je je rand wil hebben (of haak verder met de kleur waarin je bezig was)
• Haak 3 Lossen
• Haak een Halve Vaste in de 1e van de drie Lossen (zie pijl)
• Haak 2 Halve Vasten in de 2 volgende steken
• Haak weer 3 Lossen, een Halve Vaste in de 1e Losse, 2 Halve Vasten in de volgende 2 steken, enz..
• Dit is waarschijnlijk niet de officiële Picot-rand, maar het is mijn variant :-)

Dit was de alweer de laatste Haakles voor Beginners! In vond het heel leuk om jullie de beginselen van het Haken bij te brengen, ik hoop dat jullie er veel aan gehad hebben! 
Hierboven in de balk, onder het knopje Haakles, staan alle lessen op een rij als je het nog eens rustig wil nalezen. Hierna volgt er nog een Steken-overzicht, met vertaling naar het Engels/ Amerikaans.
Veel Haakplezier!


♥
Heb je nog vragen of is er iets niet duidelijk? Stuur dan een mailtje naar: info[at]sewnatural.eu

Haakles voor Beginners 6: Bloemen Haken

De meeste bloemen worden net als Granny Squares ook gehaakt vanuit het midden (op sommige rozen na, die worden gehaakt als lange sliert en dan 'opgerold'). 
Ik zal hier als voorbeeld stap voor stap een bloem maken. Daarna kun je aan de slag met de tientallen bloem-tutorials die op internet te vinden zijn!

Eerste toer: de kern van de bloem
• Haak 4 Lossen en sluit tot een ring met een Halve Vaste.
• Haak 1 Losse (de Keerlosse, ook al keer je nu niet om), haak 7 Vasten (steek hierbij je haaknaald in de ring). Sluit deze toer met een Halve Vaste in de Keerlosse. Hecht de draad af. 
Je hebt nu een cirkel van acht steken, de bloem krijgt acht bloemblaadjes.

Tweede & Derde toer: Kleine Bloemblaadjes
• Hecht een nieuwe kleur aan in één van de Vasten van de vorige toer (maakt niet uit welke).
• Haak {2 Lossen, 1 Halve Vaste in de volgende steek} tot je helemaal rond bent. Eindig met een Halve Vaste op de plaats waar je de draad had aangehecht.

• Steek je haaknaald in het boogje van 2 Lossen (zie pijl) en haak {1 Vaste, 1 Stokje, 1 Vaste}. Doe dit ook in elk volgend boogje van 2 Lossen, tot je helemaal rond bent. Hecht de draad af.

Vierde & Vijfde toer: Grote Bloemblaadjes
• Draai je bloem om en kijk eens goed naar de steken. Je ziet kleine V-tjes (de Halve Vasten van kleur 2, zie pijl). Steek je haaknaald in één van deze V-tjes en hecht een nieuwe kleur aan.
• Haak {3 Lossen, 1 Halve Vaste in elke volgend V-tje} tot je helemaal rond bent. Eindig met een Halve Vaste in het V-tje waar je de draad had aangehecht.

• Draai de bloem weer met de goede kant naar boven en steek je haaknaald in het boogje van 3 Lossen dat nu links van je haaknaald is (je moet de voorste bloemblaadjes hierbij iets aan de kant duwen).
• Haak {1 Vaste, 1 Half Stokje, 1 Stokje, 1 Half Stokje, 1 Vaste} in elke boog van 3 Lossen, tot je helemaal rond bent en hecht de draad af.
• Klaar! Stop alle draadjes in en naai je bloem op je muts/ vest/ sjaal/ tas!


Heb je de smaak te pakken? Kijk eens op Pinterest voor nog meer bloemen! 

♥
Heb je nog vragen of is er iets niet duidelijk? Stuur dan een mailtje naar: info[at]sewnatural.eu

Haakles voor Beginners 5: Granny Squares Haken

Heen-en-weer haken is niet de enige manier van haken, je kunt ook een haakwerkje maken 'in het rond'. Hierbij begin je in het midden en haak je van daaruit ronde toeren, met steeds meer Meerderingen. De plaats en de hoeveelheid van de Meerderingen bepaalt de vorm van je haakwerk, zoals een muts, een bloem, of een Granny Square. En die laatste haken we vandaag!

Het begin: een ring maken
• Haak 4 Lossen
• Steek je haaknaald in het lusje van de 1e Losse
• Haak een Halve Vaste, je hebt nu een ring gemaakt

De 1e toer
• Haak 3 Lossen (= het 1e Stokje)
• Haak twee Stokjes (waarbij je de haaknaald niet in een Steek steekt, maar midden in de Ring)
• Haak 3 Lossen
• Haak 3 Stokjes, 3 Lossen, 3 Stokjes, 3 Lossen, 3 Stokjes en 3 Lossen
• Steek je haaknaald in de bovenste van de 3 Lossen waarmee je begon (zie pijl hier onder), haak een Halve Vaste waarmee je de 1e toer sluit. Knip de draad af en trek hem door de lus

Nieuwe Kleur Aanhechten
• Maak een schuifknoop van de nieuwe kleur op je haaknaald
• Steek je haaknaald in één van de openingen van 3 Lossen van de vorige toer
• Haal de draad over de 3 Lossen van de vorige toer heen en haak een Halve Vaste, zo zit de draad vast en kun je verder met de 2e toer

De 2e toer
• Haak 3 Lossen (= het 1e Stokje)
• Haak 2 Stokjes in de opening
• Haak 1 Losse
Herhaal het volgende voor elke opening
• Haak {3 Stokjes, 3 Lossen, 3 Stokjes} in de volgende opening, Haak 1 Losse
Ben je weer bij de 1e opening?
• Haak 3 Stokjes, Haak 3 Lossen, Haak een Halve Vaste in de bovenste van de eerste 3 Lossen van deze toer
• Knip de draad af en haal hem door de lus

De 3e en volgende toeren
Zien jullie al een patroon ontstaan? Voor de volgende toeren geldt steeds:
• Hecht een nieuwe kleur aan en begin met 3 Lossen
• Haak {3 Stokjes, 3 Lossen, 3 Stokjes} in de hoeken
• Haak {1 Losse, 3 Stokjes, 1 Losse...} aan de rechte kanten van het vierkant
• Hoe groter het vierkant, hoe vaker je bovenstaande stap moet uitvoeren

Je kunt natuurlijk oneindig doorgaan met nieuwe toeren en zo een heel groot vierkant kleed maken. Of je haakt een heleboel kleinere vierkantjes van 3 of 4 toeren en maakt die aan elkaar tot een groot kleed, of een kussenhoes.

Als je klaar bent, werk je aan de achterkant van je vierkant(en) de draadjes weg, door ze met een naald tussen je haakwerk door te 'weven'. Doe dat in dezelfde kleur als die van je draadje.
Wil je meerdere vierkantjes aan elkaar maken tot b.v. een deken, dan kan dat op verschillende manieren:
• Naaien met naald en draad
• Ze aan elkaar haken met Halve Vasten (zo doe ik dat)
• Of ze tijdens het haken van de laatste zijkant gelijk aan een ander vierkant vast haken (wat ikzelf niet kan...)

Granny Squares aan elkaar Haken
Ik zal mijn manier van Granny's aan elkaar haken hier uitleggen:
• Leg twee vierkantjes precies op elkaar, met de goede kanten op elkaar
• Steek je haaknaald door de middelste van 3 Lossen in één hoek, van allebei de vierkanten (1 lusje van elke hoek, zie pijl hierboven) en haal je draad erdoor (een nieuwe draad)
• Steek je haaknaald steeds door de volgende steek van allebei de vierkanten (steeds 1 lusje van allebei) en haak een Halve Vaste
• Ga zo door tot de middelste van de drie Lossen in de volgende hoek.
• Als je twee hele rijen met vierkantjes hebt gemaakt, leg die rijen dan precies op elkaar (met de goede kanten op elkaar) en haak ze op dezelfde manier aan elkaar.
• Je krijgt zo wel naden op de achterkant van je deken, maar ik vind dat niet storend. Het is wel de meest regelmatige manier van Granny's aan elkaar maken!
TIP: Haak de Halve Vasten niet te strak, anders krijg je een bobbelig resultaat.

Dit waren de Granny Squares! Volgende week: Bloemetjes :-)

♥
Heb je nog vragen of is er iets niet duidelijk? Stuur dan een mailtje naar: info[at]sewnatural.eu

Haakles voor Beginners 4: Meerderen & Minderen

Patronen zijn natuurlijk niet altijd kaarsrecht, soms worden ze smaller of breder of lopen ze rond.  En dan moet je steken gaan Meerderen of Minderen. In het patroon staat meestal aangegeven waar en wanneer je dat moet doen, en hier lees je hoe!

Meerderen
Steken meerderen doe je heel eenvoudig door in één van de steken van de vorige toer TWEE steken te haken. Op de foto hiernaast zie je dat voor een Vaste steek, maar hetzelfde principe geldt voor elke haaksteek.
Steken meerderen aan de zijkant van je haakwerk doe je door extra lossen te haken aan het einde van een toer. Haak het aantal steken dat je nodig hebt, plus de keerlossen die je nodig hebt voor de haaksteek waarmee je haakt (bijvoorbeeld: aantal steken + 1 keerlosse als je Vasten aan het haken bent). Heb je genoeg lossen gehaakt, draai dan je haakwerk om, sla de keerlossen over en haak verder.

Minderen
Steken minderen doe je door twee steken van de vorige toer samen te haken. Dit kan op twee manieren:
1. 
Steek je haaknaald door 2 steken van de vorige toer tegelijk en haak een haaksteek zoals je dat normaal ook zou doen. Op deze manier zie je een klein gaatje op de plek waar je hebt geminderd, maar bij b.v. een Stokje valt dat niet op.
2.
Bij een Vaste steek is het netter om op deze manier te minderen: steek je haaknaald in de eerstvolgende steek, haal de draad door, steek je haaknaald door de volgende steek (de steek naast de steek die je net had dus) en haal de draad door alle drie de lussen die je nu op je haaknaald hebt.

Dit was weer een stukje theorie en dat hebben we nodig voor volgende week. Want dan gaan we haken in het rond, waaronder ook de zeer populaire Granny Squares ;-) ! 

♥
Heb je nog vragen of is er iets niet duidelijk? Stuur dan een mailtje naar: info[at]sewnatural.eu

Haakles voor Beginners: Sjaal Haken

Nu we alle basissteken hebben behandeld is het tijd voor het eerste haakproject! We gaan een sjaal haken met horizontale strepen. Ideaal om alle vijf de steken nog eens grondig te oefenen!


Nodig
- Vier bollen garen (wol/acryl), vier verschillende kleuren (van dezelfde dikte)
- Haaknaald in bijbehorende maat
- Schaar, meetlint & naald

Over de Maat
De maat van de sjaal staat niet vast, je kunt hem maken zoals je het zelf mooi vindt! Haak een aantal lossen tot je de lengte hebt die je wilt, en haak zoveel toeren tot je de gewenste breedte hebt (herhaal steeds het patroon).

Bijvoorbeeld
- Babysjaal: 70 cm lang, 8 cm breed
- Kleuter/Kinder sjaal: 100 cm lang, 16 cm breed
- Sjaal voor Volwassene: 250 cm lang, 40 cm breed

Patroon
(over het wisselen van kleur lees je een stukje naar beneden.
Sla de 1e steek van elke toer over, de keerlosse(n) tellen als 1e steek)

• Haak (bijv.) 101 lossen
• 1e toer: sla 1 losse over en haak 1 vaste in elke volgende losse, haak 4 keerlossen, keer om
• 2e toer: sla de 1e steek over, haak een dubbel stokje in elke volgende steek, keer om
• 3e toer: haak een halve vaste in elke steek, haak 3 keerlossen, keer om
• 4e toer: sla de 1e steek over, haak een stokje in elke volgende steek, haak 2 keerlossen, keer om
• 5e toer: sla de 1e steek over, haak een half stokje in elke volgende steek, haak 1 keerlosse, keer om
• 6e toer: sla de 1e steek over, haak een vaste in elke volgende steek, haak 4 keerlossen, keer om
• Enz
• Herhaal het patroon totdat je sjaal breed genoeg is
• Eindig altijd met een toer van halve vasten, maakt niet uit waar in het patroon je je bevindt. Dit is voor de stevigheid.

Schema

Over het wisselen van kleur
Ik heb elke toer in een andere kleur gehaakt, met 4 verschillende kleuren. Omdat er 5 verschillende toeren zijn krijg je zo een leuk afwisselend strepen patroon.
• Wisselen van kleur gaat als volgt:
Aan het einde van de toer, als je voor de allerlaatste keer je draad door gaat halen, doe je dit alvast met de volgende kleur. Maak daarna de benodigde keerlossen ook met de nieuwe kleur, draai je werk om en ga verder met de volgende toer.
Knip de draad van de vorige kleur af (op ongeveer 7 cm).

Draden wegwerken
Alle draadjes die aan de zijkant uitsteken, weef je met een gewone naald tussen de steken van je haakwerk door. Zorg ervoor dat je dat doet in een stukje haakwerk met dezelfde kleur als de draad, dan valt het (bijna) niet op!






Wil je nog even nalezen hoe de steken ook alweer gaan? Lees dan HIER over Vasten en Halve Vasten en HIER over Stokjes en Halve en Dubbele Stokjes.

Ik ben benieuwd naar jullie sjaals! Als je het leuk vindt, kan je een foto van het resultaat op mijn Facebook-pagina plaatsen!


♥
Heb je nog vragen of is er iets niet duidelijk? Stuur dan een mailtje naar: info[at]sewnatural.eu

Haakles voor Beginners 3: Stokjes Haken

In deze Haakles voegen we weer een nieuwe steek toe aan ons assortiment: de Stokjes.
De Stokjes zijn een steken-groep met wat meer hoogte, waarbij je de draad eerst een keer om de haaknaald slaat vóórdat je die in een steek van je haakwerk steekt.
Ze variëren van Halve Stokjes (laag) tot Vierdubbele Stokjes (heel hoog). Ik leg hier de drie meestgebruikte Stokjes uit: Stokjes, Halve Stokjes en Dubbele Stokjes.

Opmerking vooraf:
Als ik zeg: 'steek je haaknaald in een losse' of 'steek je haaknaald in een steek', dan bedoel ik dat je hem door de twee lusjes van die losse of steek van de vorige toer moet steken, dit telt dus voor 2 lusjes op je haaknaald.

Stokje (3 keerlossen)
Begin met een ketting van 25 lossen en volg de volgende stappen:
1. Sla de draad 1 keer van achter naar voor om je haaknaald en steek je haaknaald in de 4e losse vanaf de naald (4 lussen op je naald -> foto 2)
2. Sla de draad om je haaknaald en haal hem door de losse heen (nog 3 lussen op je naald -> foto 3)
3. Sla de draad om je haaknaald en haal hem door 2 lussen heen ( nog 2 lussen op je naald -> foto 4)
4. Sla de draad om je haaknaald en haal hem door de laatste 2 lussen, je houdt 1 lus op je haaknaald over en hebt nu 1 stokje gehaakt.

En dat ziet er dan zo uit:

Haak in elke losse een stokje, t/m de laatste. Haak 3 keerlossen en draai je haakwerk om. Haak nu het 1e stokje van de volgende toer in het vóórlaatste stokje van de vorige toer: de 3 keerlossen waren het éérste stokje van de nieuwe toer.
Haak het laatste stokje van de toer in de bovenste van de 3 keerlossen waarmee je de vorige toer begon (zie pijl op de rechter foto).
Dit is belangrijk om een recht haakwerk te krijgen!
Als je begint met 25 lossen, maak je toeren van 23 stokjes. Herhaal bovenstaande stappen om verder te gaan met toeren van stokjes.

Half Stokje (2 keerlossen)
Begin weer met een ketting van 25 lossen en volg onderstaande stappen:
De stappen zijn eigenlijk hetzelfde als bij het haken van een stokje, alleen haal je je draad bij de 1e keer doorhalen door de losse + 1 lus. Je doet dan één stap minder.

Dus: 
1. Sla de draad 1 keer van achter naar voor om je haaknaald en steek je haaknaald in de 4e losse vanaf de naald (4 lussen op je naald)
2. Sla de draad om je haaknaald en haal hem door de losse + een lus heen (nog 2 lussen op je naald )
3. Sla de draad om je haaknaald en haal hem door de laatste 2 lussen, je houdt 1 lus op je haaknaald over en hebt nu 1 half stokje gehaakt.

AANVULLING:
Ik had jullie gewaarschuwd, ik haak niet 'volgens het boekje'! Uit de reacties hieronder blijkt dat 'echte' halve stokjes anders moeten, en wel op deze manier:
1. Sla de draad 1 keer van achter naar voor om je haaknaald en steek je haaknaald in de 4e losse vanaf de naald (4 lussen op je naald)
2. Sla de draad om je haaknaald en haal hem door de losse heen (nog 3 lussen op je naald )
3. Sla de draad om je haaknaald en haal hem door de 3 lussen, je houdt 1 lus op je haaknaald over en hebt nu 1 half stokje gehaakt.

Ga door totdat je de toer af hebt, haak 2 keerlossen en draai je werk om. De keerlossen zijn weer het 1e halve stokje van de volgende toer, steek voor het volgende halve stokje je haaknaald boven het vóórlaatste halve stokje van de vorige toer (zie pijl).
Het laatste halve stokje van de toer haak je weer in de bovenste keerlosse waar je de vorige toer mee begon. Haak 2 keerlossen, draai om en ga zo door!

Dubbel Stokje (4 keerlossen)
Begin weer met een ketting van 25 lossen en volg de volgende stappen:
Weer zijn de stappen hetzelfde, maar nu heb je eigenlijk één stap extra, omdat je de draad in het begin één keer extra om je haaknaald slaat.
Dus:
1. Sla de draad 2 keer van achter naar voor om je haaknaald en steek je haaknaald in de 5e losse vanaf de naald (5 lussen op je naald -> foto 2)
2. Sla de draad om je haaknaald en haal hem door de losse heen (nog 4 lussen op je naald -> foto 3)
3. Sla de draad om je haaknaald en haal hem door 2 lussen heen ( nog 3 lussen op je naald -> foto 4)
4. Sla de draad om je haaknaald en haal hem door 2 lussen heen ( nog 2 lussen op je naald -> foto 5)
4. Sla de draad om je haaknaald en haal hem door de laatste 2 lussen, je houdt 1 lus op je haaknaald over en hebt nu 1 dubbel stokje gehaakt (foto 6)

Ook het vervolg gaat op dezelfde manier: haak door tot het einde van de toer, nu haak 4 keerlossen en draai je werk om. Begin de volgende toer weer in het vóórlaatste dubbele stokje van de vorige toer en vergeet niet het laatste dubbele stokje te haken in de bovenste keerlosse van de vorige toer.
Haak 4 keerlossen, draai om en haak door met dubbele stokjes!

Ter vergelijking zijn dit de drie soorten stokjes op een rij, van allemaal heb ik 3 toeren gehaakt:
Halve stokjes, Stokjes & Dubbele Stokjes
Zie je het verschil in hoogte en dichtheid?

Dit waren de stokjes! En ook nu weer: oefenen!
Volgende week geen nieuwe les, maar ons eerste project om de steken te oefenen: een Gestreepte Sjaal! Als je het leuk vindt om ook een sjaal te maken, zorg dan dat je 4 kleuren garen in huis hebt van dezelfde dikte (ongeveer geschikt voor haaknaald nummer 4). Ik gok dat je voor een kindersjaal genoeg hebt aan één bol per kleur, voor jezelf waarschijnlijk ook wel als het grote bollen zijn (Zeeman).

♥
Heb je nog vragen of is er iets niet duidelijk? Stuur dan een mailtje naar: info[at]sewnatural.eu

Haakles voor Beginners 2: Vasten & Halve Vasten Haken


Vasten
In de vorige Les hebben we een Ketting van Lossen gehaakt, daar gaan we nu verder met de basissteek der haaksteken: de Vaste.

Als je goed naar die ketting van Lossen kijkt, zie je dat de bovenkant allemaal lusjes bestaat, in de vorm van een V-tje.
Voor de Vaste Steek steek je je haaknaald aan de voorkant in de 2e steek vanaf de haaknaald, onder zo'n V-tje door (zie pijl)

Voer nu de volgende stappen uit:
1. Steek je haaknaald door een steek van de vorige rij (dus onder beide lusjes van de steek door), je hebt 3 lussen op je haaknaald
2. Sla je draad van achter naar voor over de haaknaald heen
3. Haal de draad door 2 lussen heen, je hebt nog 2 lussen op je haaknaald
4. Sla de draad weer over de haaknaald en haal hem door allebei de lussen op de haaknaald

Tip:
Bij de 1e toer van je haakwerk is het soms wat lastig om je haaknaald door beide lussen van je steek te steken. Het is dan makkelijker om je haaknaald door maar één lusje van je steek te steken! Zo doe ik het zelf ook altijd, dat zie je ook als je heel goed naar bovenstaande foto's kijkt ;-)


Zo ziet de eerste Vaste eruit, en je hebt nu weer één lus op je haaknaald.
Steek je haaknaald in de eerstvolgende steek en herhaal bovenstaande stappen, tot de hele rij vol is.

Je hebt nu 1 toer gehaakt. Als het goed is begon je met een ketting van 25 Lossen en heb je nu een toer van 24 Vasten gehaakt!
Voor de volgende toer haak je eerst 1 Losse: de Keerlosse. 
(Dit doe je om een recht haakwerk te krijgen, om de hoogte van de vaste steek te compenseren)
Draai het haakwerk nu om en steek je haaknaald in de laatste steek van de vorige toer (de steek die je vóór de keerlosse maakte, zie pijl).


Haak weer verder met Vasten, zoals boven beschreven. Haak voor de volgende toer steeds weer 1 Keerlosse.
En je kunt net zolang doorgaan als je zelf wilt, tot je bijvoorbeeld een sjaal hebt gehaakt!
Halve Vaste
De Halve Vaste is een plattere en simpelere steek dan de Vaste en heeft géén Keerlosse. Je haakt hem als volgt:
1. Steek de haaknaald door de laatste steek van de vorige toer van je haakwerk (dus door beide lusjes van de steek, zie pijl).
2. Sla de draad om je haaknaald en haal hem in één keer door allebei de lussen van je haaknaald heen. That's it!

Steek je haaknaald in de volgende steek en herhaal bovenstaande stappen om een hele toer met Halve Vasten te haken.
Voor de volgende toer draai je je haakwerk om en steek je je haaknaald weer in de laatste steek van de vorige toer (géén keerlosse!)

Op de foto is het verschil in structuur tussen Vasten (beneden) en Halve Vasten (3 bovenste toeren) goed te zien!

Steken Overzicht
In een patroon zien de Vaste en Halve Vaste er als volgt uit:



En nu oefenen maar! In de volgende Haakles gaan we verder met het haken van Stokjes!

♥

Heb je nog vragen of is er iets niet duidelijk? Stuur dan een mailtje naar: info[at]sewnatural.eu

Haakles voor Beginners 1: Schuifknoop & Kettingsteek

De eerste Online Haakles gaat van start!
Opmerking vooraf: er zijn verschillende manieren om te haken, ik heb mezelf ooit leren haken en doe dus misschien niet alles 'zoals het hoort', maar het is wel effectief! 

Het begin: Maak een Schuifknoop
1. Neem het uiteinde van je draad
2. Leg het uiteinde onder de draad die vanaf je bol garen komt
3. Haal de draad die vanaf je bol garen komt dóór je lus heen
4. Hou het korte uiteinde vast en trek je lus strak


Steek je haaknaald nu door de lus en trek aan de lange draad (die vanaf je bol komt).

We zijn klaar voor de start!







Haaknaald vasthouden
Ik hou mijn haaknaald als volgt vast:
Haaknaald tussen duim en wijsvinger, steunend op mijn middelvinger.
De korte draad (of het haakwerk, als je al wat verder bent) hou ik klem tussen mijn middelvinger en ringvinger.
De lange draad, die van de bol komt, hou ik vast met mijn linkerhand. Probeer de draad steeds met dezelfde spanning vast te houden, dus niet steeds krampachtiger. Zo krijg je een mooi regelmatig haakwerk!


Kettingsteek of Losse
Alle haakwerkjes beginnen met een Ketting van Lossen. Je maakt ze als volgt:
1. Sla de draad die vanaf je bol komt één keer over je haaknaald heen
2. Haak de draad achter het haakje van je haaknaald
3. Trek de draad door het lusje heen
4. Je hebt nu één losse gehaakt




In haakpatronen wordt de Losse aangeduid met een rondje/ ovaal. Een Ketting van Lossen met een hele rij ovalen


Ga net zolang door tot je genoeg lossen hebt voor je project.
Maak om te oefenen eens een hele lange ketting!

In de volgende les gaan we vanuit de 'Ketting van Lossen' verder en gaan we een lapje haken. Zorg dat je dan een ketting van 25 lossen klaar hebt liggen!


♥
Heb je nog vragen of is er iets niet duidelijk? Stuur dan een mailtje naar: info[at]sewnatural.eu